Libellennieuws 02:46 Dinsdag 19 november 2002 ++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++ Nieuwe aanmeldingen voor de libellennieuwsmeelgroep alsmede kopij voor de nieuwsbrief kunnen als altijd naar onderstaand iemeeladres. Remco Hofland Oegstgeest remcohofland_at_hetnet.nl +++++++ STUKJE +++++++ Waarneming overwinterende winterjuffers (SYMPPAED) in De Weerribben (OV) Op maandag 18 november bezochten Peter de Boer en ondergetekende i.h.k.v. het onderzoek aan Noordse winterjuffer (SYMPPAED) De Weerribben. Het weer was wat nevelig, maar gaandeweg de dag brak ook regelmatig de zon door. Er was weinig tot geen wind en de temperatuur schommelde tussen 5 - 7 grC. Boven het water was het aanmerkelijk kouder. Van ca 10.30 - 15.30 uur hebben we het onderzoeksgebied zeer grondig (letterlijk meter voor meter) uitgeplozen. Resultaat: drie winterjuffers, twee vrouwtjes en een mannetje. Allen in de bosrandzone op circa 8 meter van het voortplantingswater en allen ongemerkt. Het betrof volledig uitgekleurde dieren, donkerbruin inmiddels, een behaarde thorax en met een opvallende dwarsband over het oog. Nog geen blauwe ogen of berijping. Het blijkt overigens dat noordse winterjuffers dat veel minder ontwikkelen dan bruine winterjuffers (SYMPFUSC). Ze zaten op circa 30 centimeter hoogte op respectievelijk (afgemaaide) rietstengel, braam (jonge plant) en berk (jong boompje). Steeds dicht bij de top of aan het uiteinde van een takje in verticale houding tegen de stengel of het takje aangedrukt. Bij benadering draaiden ze zich steevast van ons af (wat het zoeken bemoeilijkte!!), maar ze bleken zeer honkvast en maakten geen aanstalten om zich te laten vallen of weg te vliegen. Ook toen de zon doorbrak vlogen ze niet op. Ze draaiden zich wel steeds in de richting van het zonlicht. Wat ons betreft duidelijk exemplaren die een stek hadden gevonden voor de winter. In het bos, wat we ook voor een deel hebben uitgekamd, vonden we geen juffers. Wel waren er nog veel andere insecten te vinden, sommigen actief anderen in rust. Nachtvlindertjes, wantsen (soms met tientallen op een kluitje in bladoksels van galigaan), rupsen, wintermugjes, schrijvertjes op het water, etc. Verder o.m. nog enkele kikkers (grote poelkikker) op het land actief, een ringslangenhuid, houtsnippen, sijsjes, goudvinken, grauwe ganzen, veel mezen, spinnen en enkele leuke paddestoelsoorten. Voor wat betreft de noordse winterjuffers die we vonden betreft het een nieuwe laatste waarnemingsdatum en zeer waarschijnlijk worden het ook de eerste winterwaarnemingen c.q. waarnemingen van overwinterende exemplaren in Nederland, want deze exemplaren gaan we nauwlettend volgen. Wordt vervolgd. Evert Ruiter ++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++ REACTIE OP OPMERKING OVER NOORDSE / VENGLAZENMAKER ++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++ In 02:44: “Een vrouwtje Noordse Glazenmaker (AeshSuba) met grote schouderstrepen, weet iemand of Venglazenmaker-vrouwtjes dit ook kunnen hebben? Weet iemand meer over de determinatie van vr juncea/subarctica?” Matthijs Courbois ++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++ Er is meer bekend over het onderscheid tussen subarctica en juncea, namenlijk in twee artikelen van Niels Dingemanse en Vincent Kalkman die in Brachytron hebben gestaan. Het gaat om de volgende artikelen: Het onderscheid tussen Aeshna subarctica en Aeshna juncea in Nederland, Brachytron 1(2), pagina 35-39, 1997. Het voorkomen van de kleinvlekkige en grootvlekkige vorm van de Noordse glazenmaker (Aeshna subarctica) in Nederland. Brachytron 5 (1&2) pagina 15-18, 2001. Het eerste artikel gaat over een beperkt onderzoek aan collecties, waarbij ze tot de conclusie kwamen dat alleen een combinatie van kenmerken uitsluitsel kan geven over de soort. Groeten, Rob van de Haterd robrobrob_at_zonnet.nl ++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++ Verschillen A. juncea vs. A. subarctica Voor zekere determinatie is het vrijwel altijd nodig de dieren te vangen. In dat geval moet het, met het kenmerkenoverzicht zoals gepubliceerd in Brachytron 1(2): 35-39, niet moeilijk zijn de soorten van elkaar te onderscheiden. Gerard Abbingh ++++++++++++++ WAARNEMINGEN ++++++++++++++ Op 11 oktober j.l. vond ik tot mijn grote verbazing in onze achtertuin in Gouda, Zuid-Holland (laagveen! polders!) een mannetje Bruine winterjuffer (SYMP FUSC). Wel vijf keer gecheckt of het geen Noordse was (dat zijn toch momenteel immers de winterjuffers die je in het laagveen gaat zoeken) maar helaas. Toch een bizarre waarneming. Ongeveer twee weken daarvoor was het ook al raak, toen vond ik in diezelfde achtertuin een Zwervende pantserjuffer vrouw (LEST BARB). Antoine van der Heijden ++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++ Zaterdag 9 november was ik in de Oostvaardersplassen, Flevoland, in vogelkijkhut “De zeearend”, toen ik een libel voorbij zag komen. Beneden aan de hut maar eens gaan kijken: Zaten er 5 man en 2 vrouw steenrode heidelibel SYMPVULG op het hout van de hut te zonnen! Vrij laat, en dan ook nog deze aantallen. Groeten, Sander Bot PS Volgens Bos & Wasscher (2002, 3e druk) is de laatste waarnemingsdatum (inderdaad) 9 november, RH. ++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++ Zondag 16 november zag ik ook een latertje – een man Bruinrode heidelibel SYMPSTRI verknocht aan een paddestoel (eentje van de ANWB) middenin de AWD, de Amsterdamse Waterleidingduinen voor niet-ingewijden, nabij Aerdenhout, Noord-Holland. Geen record, want volgens Bos & Wasscher (2002, 3e druk) is de laatste waarnemingsdatum 29 november. Remco Hofland +++++++++++++ AANKONDIGING +++++++++++++ Beste allemaal, Ik ben natuurboekverkoper en ontving via deze maillist een bericht over het veschijnen en kopen van "De Nederlandse Libellen" Ik ben op 23 november aanwezig op de VZZ dag in Arnhem. Op deze dag heb ik een uitgebreide boekenstand en voldoende exemplaren van deze titel ter beschikking. Vantevoren reserveren en betalen is niet nodig. Met vriendelijke dank. Wil Meijs ++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++ Libellennieuws 02:46 Dinsdag 19 november 2002