Libellennieuws 04:06 en 04:07
Vrijdag 14 mei 2004 en maandag 31 mei 2004
+++++++++++++++++++++++++++++++++
Dag allemaal,
Hopelijk markeert deze dubbele iemeel (vanwege het feit dat een meerderheid van jullie LN 04:06 niet ontvangen heeft) het einde van mijn computerproblemen! Ik ontving de laatste 3 weken (terecht!) veel verzoeken om weer op de verzendlijst te worden opgenomen - het probleem zat echter niet in het verdwijnen van de verzendlijst maar in mijn digibetie gecombineerd met het installeren van een nieuwere computer en adsl.
Hoewel van een aantal personen de afgelopen weken al een verzoek kwam voor het nazenden van de vorige LNs van 2004 (en soms van 2003), uit doelmatigheid bij deze het verzoek om *opnieuw* een meeltje te sturen naar remcohofland_at_hetnet.nl voor oude LNs.
In elk geval is er in deze combi-LN geen gebrek aan kopij........
Voor iedereen die kopij instuurt het verzoek om het stuk zo op te stellen als ware het gericht aan alle lezers. Verder verzoek ik u om zowel de Nederlandse naam als de shortname (bestaand uit de eerste vier letters van de twee woorden die de wetenschappelijke naam vormen) van de waargenomen soorten te vermelden. Ook een zo duidelijk mogelijke geografische plaatsaanduiding (bijv. Amersfoortcoordinaten, gemeente en provincie) wordt op prijs gesteld.
Nieuwe aanmeldingen voor LN alsmede kopij voor de nieuwsbrief kunnen nog altijd naar remcohofland_at_hetnet.nl.
Hartelijke groeten,
Remco Hofland
Oegstgeest
remcohofland_at_hetnet.nl
[Libellennieuws 04:06 / Vrijdag 14 mei 2004 ]
++++++++++++++++++++++++++++++++++
Donkere waterjuffer COENARMA in Weerribben
++++++++++++++++++++++++++++++++++
Beste allemaal,
Op 4 mei 2004 is in een tot nu toe minder goed onderzocht deel van de
Weerribben een nieuwe populatie van de Donkere waterjuffer COENARMA
gevonden. Hieronder het relaas.
In de afgelopen weken zijn op meerdere plaatsen weer individuen van de
Donkere waterjuffer COENARMA in de Weerribben gezien. Al op 27 april 2004
(nieuwe eerste datum) nam Evert Ruiter en Jaap Bouwman de eerste individuen
waar. Teneinde een gedegen plan voor de bescherming van deze bijzondere
soort op te stellen wordt in 2004 een uitgebreid veldonderzoek aan deze
soort verricht. De Vlinderstichting voert in opdracht van prov. Overijssel
en Overlegorgaan NP De Weerribben een onderzoek uit aan armatum. Op de
plaats van de eerste vondst in 1999 is de soort sinds 2002 al niet meer
gezien. Daarentegen werden in de ruime omgeving van deze locatie in 2002 en
2003 diverse nieuwe vliegplaatsen ontdekt, onder meer in een verlande sloot
waar in 2003 veel eiafzet plaatsvond. Door een communicatiestoornis tussen
Staatsbosbeheer en pachters is juist deze sloot in januari 2004 geschoond,
uitgediept en doorgetrokken dwars door een verland petgat. Het persbericht
dat hierover onlangs is verschenen staat onder dit bericht. Dit trok de
aandacht van de landelijke pers zodat er op 4 mei onder meer een
radio-uitzending op radio 1 aan werd besteed. Juist op de ochtend van de
opname was ik met een NJN-excursie mee op zoek naar libellen in een heel
ander deel van de Weerribben dan waar tot nu toe Donkere waterjuffer
COENARMA was gezien. Na enige twijfel over de richting die de excursie op
zou lopen werd uiteindelijk voor een richting gelegen in de luwte gekozen.
Wie schetst onze verbazing toen bij een van de eerste gevangen juffers al
gelijk een verdacht vrouwtje zat dat Maarten Schrama in zijn net had. Is
dit haar nou? Hoe zou het mogelijk zijn ?tabellen erbij: Ja! het is gewoon
de soort. Er leek nauwelijks geschikt open water in de buurt, maar een
strook ongemaaide kleine lisdodde en riet bleek uiteindelijk een verscholen
sloot te bevatten met de populatie. We hebben toen slechts een klein deel
van de sloot afgezocht omdat in het ondiepe water rond de sloot de Gevlekte
witsnuitlibel LEUCPECT aan het uitsluipen waren, die we deels verstoorden.
Resultaat:
Biotoop is een tamelijk dichtgegroeid slootje van maximaal 5 m breed en 25
m lang. Oevers veelal zeer geleidelijk overgaand in ondiep water van
omliggend rietland, veelal drijvend. Klein deel oever met moerasvaren.
Planten:
Kleine lisdodde zeer algemeen
Riet algemeen
Moerasvaren verspreid (1 plek 3x3 m2)
Biezenknoppen verspreid
Klein blaasjeskruid zeldzaam
Gewoon blaasjeskruid zeldzaam
Kikkerbeet zeldzaam
Watermunt zeldzaam
Melkeppe zeldzaam
algenflab zeldzaam (1 plek 0,5x0,5 m2)
wilg zeldzaam
Libellen (alleen zuidelijk deel bekeken vanwege uitsluipen van gevlekte
witsnuitlibel)
direct bij het water:
Donkere waterjuffer Coenagrion armatum 2 mannetjes, 2 vrouwtjes, 2 tandems
Variabele waterjuffer Coenagrion pulchellum 5
Smaragdlibel Cordulia aenea 25 larvenhuidjes
Viervlek Libellula quadrimaculata 1 larvenhuidje
Gevlekte witsnuitlibel Leucorrhinia pectoralis 6 uitsluipende individuen op
5 x 10 m2
Evert mailde me van de week: Vanmiddag (11 mei) bezocht ik met Jaap Bouwman
de nieuw ontdekte vliegplaats. Het is een prachtig biotoop. Volgens ons een
schoolvoorbeeld van hoe een armatum-biotoop er uit zou moeten zien. Wat
opviel is ook dat het goed wordt beheerd. De situatie lijkt stabiel en
ongestoord (op het feit na dat er deze winter is gemaaid). Een voor mij
saillant gegeven is dat het zo besloten ligt tussen broekbossen. We hebben
intensief gezocht en troffen 14 mannetjes, 2 vrouwtjes en 3 eiafzettende
tandems. Een middelgrote populatie dus.?
Groet,
Marcel Wasscher
De tekst van het persbericht van Staatsbosbeheer en de Vlinderstichting is
te vinden op:
http://www.vlinderstichting.nl/nieuws_detail.asp?strMessage=nieuws&CatID=13&
NieuwsID=253
<http://www.vlinderstichting.nl/nieuws_detail.asp?strMessage=nieuws&CatID=13
&NieuwsID=253 >
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Weerribben 12 mei,
Soms is het weer beter dan de weersvoorspelling zei en heb je grote
spijt niet op stap te zijn gegaan (maandag 11 mei), of het is prima
weer maar je hebt afspraken (12 mei) of de zon schijnt als je wakker
wordt en je gaat op stap maar het weer wordt slechter dan voorspeld,
zoals vandaag 12 mei. Ik heb het nog nooit zo koud gehad bij het
filmen van libellen. De libellen hadden het zelf ook koud en vooral
de gezochte soort, donkere waterjuffer COENARMA, liet zich niet zien.
Evert had er daar gister twintig gezien...
Overigens hebben we wel tien soorten gezien. De enige die een beetje
normaal foerageerde was de smaragdlibel CORDAENE, de rest zat te
schuilen. Wat het speciaalste was was een schuilplaats van de bruine
korenbout LIBEFULV. In de luwte langs een bomenrij, waar voornamelijk
riet stond, zaten in een strookje van 8 x 1 meter iets meer dan
vijftig jonge dieren! Prachtig gezicht.
Hoe verkild ze waren blijkt uit dat een jonge gevlekte witsnuit
LEUCPECT niet goed in beeld zat en die heb ik toen een zacht zetje
gegeven. Opvliegen, ho maar.
Overige soorten voor de compleetheid: variabele waterjuffer COENPULC,
lantaarntje ISCHELEG, vuurjuffer PYRRNYMP, grote roodoog ERYTNAJA,
glassnijder BRACPRAT, viervlek LIBEQUAD, en een vermoedelijke vroege
glazenmaker AESHISOS.
Weia Reinboud en Tieneke de Groot
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
9/5/2004 Enkele waaarnemingen
Beste mensen,
Aalst-Waalre
Bij het doorbreken van een schraal zonnetje werden in een
naamloos langs de A2 bij Aalst-Waalre (Amcoord 163,-376,8) de
volgende soorten aangetroffen: Noordse witsnuitlibel LEUCRUBI
(10-tallen), Venwitsnuitlibel LEUCDUBI (10-tallen), Gewone
oeverlibel ORTHCANC (1 ex.), Smaragdlibel CORDAENE (2 ex.),
Watersnuffel ENALCYAT (honderden ex.), Lantaarntje ISCHELEG (>10
ex.) en Viervlek LIBEQUAD (3 ex.). Ondanks goed zoeken is het
niet gelukt Maanwaterjuffer (COENLUNU) aan te treffen. Bij het
nabijgelegen het Meeuwven werden geen libellen waargenomen, maar
wel zeer veel Zonnebaars (LEPOGIBB) en Amerikaanse hondsvis
(UMBRPYGM). Het lijkt aannemelijk dat de predatiedruk op
libellenlarven in dit ven zeer hoog is.
Kampina
Een klein zonloos uurtje Kampina heeft vervolgens niet meer
opgeleverd dan Vuurjuffer (PYRRNYMP, 1 ex.) (147,0-395,9) en
Azuurwaterjuffer COENPUEL (146-394, 3 ex.). Tevens werden hier
Zomertortel en Wielewaal gehoord.
Bart de Knegt, Floris Brekelmans, Merijn van Leeuwen
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Op 3 mei een zeer vroege beekrombout GOMPFULV op de oever van de Leubeek
300 m stroomopwaarts van de zandvang bij Kinkhoven.
Met vriendelijke groet,
Alexander Klink
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Enige leuke waarnemingen van Eus vd Burg: op donderdag 13 mei had hij aan
de westzijde van de Kromme Rade nabij Hilversum een vrouwtje Gevlekte
witsnuitlibel LEUCPECT, terwijl er verder 14 Bruine korenbouten LIBEFULV,
een aantal Glassnijders BRACPRAT en een tiental Viervlekken LIBEQUAD
vlogen. Opvallend was het gebrek aan Smaragdlibellen CORDAENE: dit kwam
waarschijnlijk door het bewolkte weer.
Juffers werden vertegenwoordigd door Vuurjuffer PYRRNYMP, Variabele
waterjuffer COENPULC en Lantaarntje ISCHELEG.
Voor de vogelaars: op de Loosdrechtse plas nabij de parkeerplaats vlogen
tussen de Zwarte sterns CHLINIGR twee adult zomerkleed Witvleugelsterns
CHLILEUC (toch een van de mooiste vogels van Europa), terwijl ook een
zingende Grote karekiet ACROSCIR werd gehoord. RH
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Hallo,
Op 30 april vloog de Bruine winterjuffer (SYMPFUSC) langs de oostrand van
het Leikeven (130.9 - 402.0), ten noorden van Tilburg. Ik heb 2 tandems
gezien, een ervan was bezig met eieren afzetten. Ook vlogen er nog enkele
losse exemplaren. Het was al vrij laat (half 6 - 6 uur), maar nog wel
redelijk warm.
Groeten, Tineke Cramer
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Door ons zijn in Lelystad de eerste vuurjuffers waargenomen, in onze tuin
(coor. 503, 159) op 24 april, dit is zeker twee weken eerder dan voorgaande
jaren. In deze week hebben we ze dagelijks gezien. De eerste uitgeslopen
lantaarn is op de Knardijk ( coor. 495, 157) op 29 april gezien.
Vriendelijke groet,
Marijke en Jan Verbraaken
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
In de avond van 13 mei waargenomen in de duinen bij Egmond een platbuik.
met vriendelijke groet
fred jansen
heiloo
++++++++++++++++
Libellennieuws 04:07
Maandag 31 mei 2004
++++++++++++++++
Oisterwijk excursie 15/5/2004 - zoektocht naar Sierlijke witsnuitlibel LEUCCAUD
Beste mensen,
Zoals op de libellenstudiedag afgesproken zijn we zaterdag 15 mei 2004 met mooi weer op zoek gegaan naar de Sierlijke witsnuitlibel LEUCCAUD bij de meer voedselrijke vennen van de Oisterwijkse vennen. Twee groepen gingen (nadat we ons hadden verzameld bij station Oisterwijk) de verre omgeving van het Belversven afzoeken. Verder belde ons één groepje NVL-ers vanuit het zuiden van de Kampina, dat ze daar aan het zoeken waren. Uiteindelijk waren we met zo’n 18 mensen in drie groepen op pad. We hebben enkele leuke ons nog niet bekende vennen bezocht. In droge delen daaromheen vlogen wel Noordse en Venwitsnuitlibel LUCRUBI en LEUCDUBI maar de Sierlijke witsnuitlibel LEUCCAUD blijft voorlopig nog gewoon verdwenen uit Nederland. De laatste zekere vondst is nog steeds gedaan op het Groot Malpieven bij Valkenswaard op 26 mei 1970. De laatste waarneming bij de Oisterwijkse vennen is van 14 juni 1951. Aanleiding voor de excursie was overigens een mogelijke waarneming vorig jaar op het Belversven. Op dat ven was de laatste (en tevens enige waarneming) op 5 juni 1921 gedaan. Tim Faasen heeft met zijn deel van de excursie dit ven aan een grondig onderzoek onderworpen, ik ben met mijn deel meer naar de vennen en plasjes daar ten noorden van geweest.
Leukste vondsten van deze dag waren:
- populatie Bosbeekjuffer CALOVIRG op de Rosep (ten noordwesten van het Belversven; 5 tamelijk juveniele dieren over 500m) naast een uit honderden dieren bestaande populatie van de Grote beekschaatsenrijder GERRNAJA. Dit toont de goede kwaliteit van de Rosep aan;
- voortplantende Bruine winterjuffers SYMPFUSC op een recent plasje bij het Baandersveld;
- voortplanting alleen nog maar van de Vuurjuffer PYRRNYMP (tientallen eiafzettende tandems) en de Viervlek LIBEQUAD (1x copula op ondiep ven direct ten noorden van Belversven met 25 patrouillerende mannetjes) en de Smaragdlibel CORDAENE (1 eiafzettend vrouwtje). Verder ondanks de zon geen voortplanting, terwijl de Variabele waterjuffer COENPULC in de Weerribben 10 dagen ervoor al wel aan het eiafzetten was;
- in het Belversven plant zich in ieder geval de Smaragdlibel CORDAENE voort: er werd in de zuidwesthoek een larvenhuidje gevonden;
- in zijn in totaal 21 libellensoorten waargenomen op de drie excursies samen: Grote keizerlibel ANAXIMPE (1 uitsluipend) , Glassnijder BRACPRAT (op enkele vennen en het Baandersveld en langs de Beerze), Bosbeekjuffer CALOVIRG (Reusel), Weidebeekjuffer CALOSPLE (Beerze), Speerwaterjuffer COENHAST (Klokkentorenven 10), Azuurwaterjuffer COENPUEL, COENPULC, Smaragdlibel CORDAENE (veel: eerste zat al gelijk bij het station Oisterwijk), Watersnuffel ENALCYAT (nog heel weinig), Grote roodoogjuffer ERYTNAJA, Plasrombout GOMPPULC (één uitsluipend uit rustig deel Beerze), Beekrombout GOMPVULG (Beerze), Lantaarntje ISCHELEG, LEUCDUBI, LEUCRUBI, Platbuik LIBEDEPR, Viervlek LIBEQUAD, Gewone oeverlibel ORTHCANC, Blauwe breedscheenjuffer PLATPENN (Beerze), Vuurjuffer PYRRNYMP, Bruine winterjuffer SYMPFUSC;
- planten als Moerashershooi, Wateraardbei, Moeraswederik, Moerasvaren (noordrand Belversven: Laagveenachtig), Klein blaasjeskruid, Veenbes, Draadzegge, Snavelzegge, Vlottende bies;
- verder een twintigtal Bonte dikkopjes, vrij veel Groentjes, meerdere Levendbarende hagedissen, Havik, Boomvalk, Blauwborst.
** Op zich is 15 mei aan de vroege kant voor de soort (alhoewel uit Duitsland ook waarnemingen van 7 mei bekend zijn). Op 5 juni hebben we weer een vergunning. Voor de mensen die dan nogmaals mee willen helpen de soort op te sporen zelfde afspraak: 10.00 station Oisterwijk (treinen uit zowel richting Den Bosch als Tilburg komen rond dat tijdstip aan). Het centrale mobiele nummer voor die dag: 06 18291237. **
Vriendelijke groet,
Marcel Wasscher
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Vroegterecord (weer) gebroken voor een warmteminner
Het vrije weekend van vrijdag 28 tot en met maandag 31 mei werd door een aantal groepjes multi-liefhebbers (tenminste vogels, libellen, vlinders, zoogdieren, reptielen en amfibieen) aangegrepen om een bezoekje te brengen aan Zuid-Limburg. Ik verwacht nog een volledig verslag van de overvolle auto van onder andere Kapser Hendriks en Rob van Bemmelen, maar wil vast een tipje van de sluier oplichten (wie weet wanneer ik immers weer een nieuwe LN kan verzenden?):
Zaterdag 30 mei werden in de groeve 't Rooth ten noorden van Cadier en Keer enkele Zuidelijke oeverlibellen ORTHBRUN waargenomen (en fraai gefotografeerd): Bos en Wasscher (2002) noemt 1 juni als vroegste datum, maar dit record werd vorig jaar verbroken door een waarneming op 31 mei 2003, ook in groeve 't Rooth.
Zondag 31 mei produceerde De Doort nabij Echt, midden Limburg, de eerste Vuurlibellen CROCERYT, ook voor deze soort noemt Bos en Wasscher (2002) 1 juni als vroegste datum. Geen record ditmaal: vorig jaar werd op 30 mei een zeer vroeg exemplaar gezien bij Cuijk. RH
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Hoi allemaal,
Zaterdag 15 mei vlogen er bij de prachtige plas "Waterschapsheuvel" naast de heemtuin middenin Leiderdorp onder andere een tiental Vuurjuffers (PYRRNYMP), een vrouwtje Glassnijder (BRACPRAT) en een verse Vroege glazenmaker (AESHISOS). PYRRNYMP is nog niet zo algemeen in Zuid-Holland als ie dat in Noord-Holland al is geworden, dus een populatietje is een verrassing. Ook voortplanting van AESHISOC in 'hartje stad' is enigszins verrassend.
Op de mooiere plekjes rond Leiden nog geen succes, maar de Bruine winterjuffer (SYMPFUSC) doet het in de nabijgelegen duinen goed. Bijvoorbeeld tussen Katwijk en Wassenaar heb ik op verschillende plekken enkele to enkele tientallen gezien. Ook langs het Huppelkanaal in de AWD zagen Vincent Kalkman en ik in april zo'n 25 individuen.
Groet, KD
Klaas-Douwe "KD" B. Dijkstra
Leiden, The Netherlands
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Beekrombout (GOMPVULG) nu ook langs Zwarte Water (O)
De opmars van de beekrombout (GOMPVULG) lijkt niet te stuiten. Sinds 2002 komt deze soort voor langs de gehele Overijsselse Vecht. In 2003 en 2004 zijn de aantallen sterk toegenomen.
De Vecht stroomt ten Noorden van Zwolle in het Zwarte Water, welke uiteindelijk uitmondt in het Zwarte Meer.
Onlangs zag Jeroen Bredenbeek in Hasselt een zonnende beekrombout.
Op 16 mei trof Leo Winter bij de brug in Hasselt een uitsluipend exemplaar.
Evert Ruiter
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Op 25 mei werd een vrouwtje bruine korenbout LIBEFULV
gefotografeerd in de Doort tussen Echt en Dieteren (L).
Had ik nog niet.
Groet, Herman Berkhoudt
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Op 9 mei vloog een vers vrouwtje Glassnijder BRACPRAT mijn tuin in
Zeist in (aan de Bunnikse kant, tegen het Kromme Rijngebied aan).
Toch vreemd, opeens een Glassnijder in de sering.
Mark van Veen
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Libellennieuws (LN) wordt gecompileerd in samenwerking met de Nederlandse
Vereniging voor Libellenstudie (NVL)
De NVL heeft als doel: het stimuleren van de studie naar en de bescherming
van libellen. Vier maal per jaar geeft de NVL een Nieuwsbrief uit.
Daarnaast verschijnt er tweemaal per jaar het blad Brachytron met artikelen
over ecologie, gedrag en levenswijze van libellen, wetenschappelijke
mededelingen en boekbesprekingen. Wilt u lid worden van de NVL? Dat kost
slechts 13 Euro per jaar en voor jongeren tot 25 jaar 7 Euro.
Ieder nieuw lid ontvangt een speciale editie (in kleur) van de Brachytron
met daarin artikelen over goede libellengebieden in Nederland. Voor meer
info of een folder meel naar nvl_at_vlinderstichting.nl .
+++++++++++++++++++++++++++++++++
Libellennieuws 04:06 en 04:07
Vrijdag 14 mei 2004 en maandag 31 mei 2004
Libellennieuws 04:09
Dinsdag 8 juni 2004
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Dag allemaal,
In een poging de verzendfrequentie van Libellennieuws wat omhoog te brengen, hier wat leuk nieuws van de afgelopen dagen.
Voor iedereen die kopij instuurt het verzoek om het stuk zo op te stellen als ware het gericht aan alle lezers. Verder het verzoek om zowel de Nederlandse naam als de shortname (bestaand uit de eerste vier letters van de twee woorden die de wetenschappelijke naam vormen) van de waargenomen soorten te vermelden. Ook een zo duidelijk mogelijke geografische plaatsaanduiding (bijv. Amersfoortcoordinaten, gemeente en provincie) wordt op prijs gesteld.
Nieuwe aanmeldingen voor LN alsmede kopij voor de nieuwsbrief kunnen als altijd naar
remcohofland_at_hetnet.nl.Hartelijke groeten,
Remco Hofland
Oegstgeest
remcohofland_at_hetnet.nl
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Beste mensen,
Zaterdag 5 juni is de Roer voor het eerst in 2004 vanuit een boot geïnventariseerd. Naast vele tientallen larvenhuidjes en twee uitsluipende dieren van de Beekrombout (GOMPVULG), 1 huidje van de Plasrombout (GOMPPULC) is in Roermond ook het eerste larvenhuidje van de Gaffellibel (OPHICECI) gevonden. Vorig jaar zijn de eerste huidjes van deze soort op 12 juni gevonden.
Daarnaast is op 26 mei voor het eerst voortplanting van de Vuurlibel (CROCERYT) in het Roerdal aangetoond. In een voormalige Roermeander zuidwestelijk van Melick zijn toen zes larvenhuidjes van de soort verzameld. Twee libellen waren pas uitgeslopen en hingen nog op het huidje. Op 28 mei zijn op een andere locatie, noordwestelijk van Melick, nog eens vier larvenhuidjes van de Vuurlibel gevonden. Volgens Libellennieuws 04:07 zou het vroegterecord hiermee met vier dagen zijn aangescherpt.
Met vriendelijke groet,
Rob Geraeds
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Weidebeekjuffers CALOSPLE in Vorden
Zondag middag was ik in Vorden daar trof ik langs 3 beekjes veel Weidebeekjuffers en 1 Bosbeekjuffer CALOVIRG aan.
Op de coordinaten 218/457 trof ik 20 Weidebeekjuffers aan; op 217/457 bij de Baaksebeek trof ik 15 Weidebeekjuffers aan. Op de coordinaten 214/ 461 vlogen weer 20 Weidebeekjuffers, 1 Bosbeekjuffer en 2 Blauwe breedscheenjuffers PLATPENN.
De Weidebeekjuffer is een belangrijke soort om bij te houden.
Als er iemand in de omgeving van Zutphen of Vorden de Weidebeekjuffer wil monitoren kan die een soortgerichte route nemen. Er moet dan 3 keer gelopen worden in de periode 1 juni - 15 juli.
Voor monitoren van libellen kunt u altijd naar de vlinderstichting mailen op
www.vlinderstichting.nl.Met vriendelijke libellen groet, Hans Raaijmakers
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Libellen verspreidingsatlas Drenthe
Begin mei is de werkatlas "Libellen in Drenthe" verschenen. De Libellenwerkgroep Drenthe heeft dit boekje samengesteld om de komende jaren gericht en efficiënt de Drentse libellenfauna te inventariseren. Het doel is om over enkele jaren een ‘echte’ atlas van de Libellen in Drenthe het levenslicht te laten zien. Het boekje is uiteraard ook bedoeld voor libellenliefhebbers buiten de provincie.
Het tot stand komen van dit boekje is mede mogelijk gemaakt door financiële steun van EIS-Nederland en De Vlinderstichting. In het boekje wordt de verspreiding besproken van de tot nu toe 46 libellensoorten die in de periode 1995 tot en met 2003 in Drenthe zijn waargenomen. Van elke soort zijn verspreidingskaartjes gemaakt, op basis van gegevens die afkomstig zijn uit het landelijk databestand.
De werkatlas ISBN 90-9018267-5 is een gebonden boekje in A5 formaat met 59 zwart-wit foto’s en 46 verspreidingskaartjes. Het is te bestellen voor 9 Euro bij de Libellenwerkgroep Drenthe. Het bedrag kunt u storten op Postbankrekening 96.97.486 t.n.v. Libellenwerkgroep Drenthe, Assen onder vermelding "werkatlas" . U krijgt de werkatlas dan thuis gestuurd.
Libellenwerkgroep Drenthe
Libellennieuws 04:09
Dinsdag 8 juni 2004
Libellennieuws 04:12
Woensdag 23 juni 2004
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Dag allemaal,
Voor iedereen die kopij instuurt het verzoek om het stuk zo op te stellen als ware het gericht aan alle lezers. Verder verzoek ik u om zowel de Nederlandse naam als de shortname (bestaand uit de eerste vier letters van de twee woorden die de wetenschappelijke naam vormen) van de waargenomen soorten te vermelden. Ook een zo duidelijk mogelijke geografische plaatsaanduiding (bijv. Amersfoortcoordinaten, gemeente en provincie) wordt op prijs gesteld.
Nieuwe aanmeldingen voor LN alsmede kopij voor de nieuwsbrief kunnen als altijd naar
remcohofland_at_hetnet.nl.Hartelijke groeten,
Remco Hofland
Oegstgeest
remcohofland_at_hetnet.nl
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Gevlekte Witsnuitlibel in Noord-Limburg
In één van de vennen van het Quin (gem. Afferden) konden we zaterdag de 19e een fraai mannetje Gevlekte witsnuitlibel LEUCPECT bewonderen. Het ven leek op het eerste oog niet echt geschikt, ondanks een eerdere waarneming uit begin jaren negentig. Het bezoeken van een oude vindplaats blijkt dus ook na tienjaar nog zinvol! Verder kwamen we (Vincent, KD, Robert en ondergetekende) door het matige weer weinig vermeldingswaardigs tegen in het gebied tussen Gennep en Tegelen.
Michiel van der Weide
mvdweide_at_knoware.nl
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Zwervende pantserjuffers in de duinen bij Zandvoort
Op 17 juni 2004 was ik bezig met vegetatieonderzoek van een aantal poelen in het duingebied Kraansvlak bij Zandvoort. Bij twee poelen in het deelgebied Paardenkop (kmhok 98.489) zag ik Zwervende pantserjuffers (LESTBARB). Bij 1 poel twee exemplaren, bij de andere telde ik maar liefst 34 exemplaren. Zij verbleven in een brede vochtige oeverzone met een dominantie van Gewone waterbies. In de oeverzone trof ik ook enkele Azuurwaterjuffers (COENPUEL), Watersnuffels (ENALCYAT), Lantaarntjes (ISCHELEG) en een Bruine winterjuffer (SYMPFUSC). Boven de poel joegen enkele Viervlekken (LIBEQUAD). Bij poel nummer drie geen opmerkelijke libellen wel de eerste vondst van Kogelbies (Scirpioides holoschoenus) voor de Nederlandse duinen!
Overige libellenwaarneminge in de regio:
Op de Liniedijk Spaarndam op 14 mei een Glassnijder (BRACPRAT) en op 11 juni jagend aan de voet van de dijk een Vroege glazenmaker (AESHISOS).
Met vriendelijke groet,
Ben Kruijsen
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Vrijdag 18/6 in de Rottige Meente wel degelijk (reactie op Marcel Wasscher) heel wat (20) Vroege Glazenmakers (AESHISOS) gezien in het zuidoostelijke deel (189,6-538,4) tijdens mijn zoektocht naar de Zilveren Maan.
Zaterdag 19/6, tijdens een vlinderexcursie in het Kuinderbos bij de Kuinderplas (182,1-533,8) met af en toe een bui de eerste 2 mannetjes Grote Keizerlibel (ANAXIMPE) zien zitten, hun vleugels drogend in de zon. Verder nog watersnuffel (ENALCYAT), lantaarntje (ISCHELEG) in vele kleurvariëteiten, variabele waterjuffer (COENPULC) en gewone oeverlibel (ORTHCANC).
Groet, Alfred van der Burgh
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Zaterdag 19 juni zijn we (KD, Robert, Michiel en ik) nog bij de Gaffelwaterjuffer Coenagrion scitulum-plek geweest. Er is hier een erg mooie stromende sloot aanwezig (type Bandheidelibel Sympetrum pedemontanum/ Beekoeverlibel Orthetrum coerulescens) maar er waren erg weinig libellen te vinden. In ieder geval geen scitulum gezien.
Groet, Vincent Kalkman
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Aankondiging nieuwe website
Begin april 2004 hebben wij een nieuwe natuur website in de lucht gebracht. Deze website is te vinden onder het adres: http://www.digidipper.com .
Digidipper is een site waarop iedereen gratis en zonder tussenkomst van een webmaster zijn of haar foto's in een 7-tal categorieën kan uploaden. Naast het het uploaden en tonen van foto's kunnen ook waarnemingen geplaatst worden. In de nabije toekomst willen we ook een discussieplatform koppelen aan de website. Alle foto's en waarnemingen worden opgeslagen in een database. Deze database is via de website doorzoekbaar. Digidipper wil zich vooral op de foto's en waarnemingen van vlinders en libellen richten. Waarnemingen welke in onze database worden geplaatst zullen uiteraard worden doorgegeven aan belanghebbende instanties.
Ons doel met Digidipper is het aan een breed publiek tonen van leuke en interessante foto's en waarnemingen. Dit willen we bereiken middels een eenvoudige site zonder overbodige functionaliteit. Veel plezier met de website,
Arnold Meijer en André van der Plas
++++++++++
BUITENLAND
++++++++++
Voor de buitenland-libellenkijkers een aankondiging van een publicatie en twee verzoeken:
The April/May2004 issue of Sri Lanka Wildlife News contains:
Uditha Wijesena proposes the Purple-faced Leaf Monkey as the national mammal of Sri Lanka (see Articles) [*] Dragonfly Watching in Yala & Tissa with Karen Coniff and Yala Natural History Report (See Articles) [*] Nature Photographer 2004 with first prize of Rs 100,000 (approx. USD 1,000) closes on 15 July. Applications from FujiFilm outlets, HSBC branches and Jetwing Hotels. See Press Releases. [*] Info-Travel Sri Lanka is a new reference guide with eighteen new style road maps. See Book Review.
SUMMARY ARTICLES/TRIP REPORTS
Dragonflies of Yala and Tissamaharama
- Karen Conniff
The rain brings out the best in Yala. On a recent visit in May, and after a few rain showers, I discovered that the rain kept the dust down, leaves were a brighter green and overnight it seemed that blossoms appeared on the branches of trees and shrubs. The fruits that had formed from a previous rain had brought in a multitude of birds and butterflies. Not quite as obvious as the numbers of birds and butterflies were the appearance of many dragonflies that moved from one rain recharged pond to the next.
I was on a tour of Yala with Gehan de Silva Wijeyeratne and several journalists. We all hoped to see a leopard, but while searching for leopards our binoculars were also turned toward other mammals, birds, and crocodiles. I also used mine to discover the variety of dragonflies that were dipping and darting over the surface of the ponds in Yala. Branches and sticks that poke up from the surface of the water are ideal perches for dragonflies. When we stopped by a pond to look at birds or crocodiles I quickly scanned the pond for stumps and broken sticks hoping to see dragonflies. The challenge of spotting and identifying dragonflies is as satisfying as adding to my list of birds.
What types of dragonflies can you see at Yala? The dragonfly that was easiest to find was a noticeable yellow and brown one that kept zooming across the front window screen of the vehicle. This was the Globe Skimmer (Pantala falavescens). On those sticks in the ponds I was able to see Orange-winged Groundlings (Brachythemis contaminata); they were immediately obvious because of their bright orange wings. A quick list of the sightings I made include Little Blue Darters (Diplacodes trivialis), Sombre Skimmers (Orthetrum sabina), the bright red Eastern Scarlet Darters (Crocothemis servilia), and faded blue Brown-banded Skimmers (Orthetrum glaucum). I saw more but there was not enough time to stop and determine each type.
It was difficult to view dragonflies from the vehicle. Luckily we stopped briefly for a quick bite to eat in the park near a river and a small pond. I took a stroll along the edge of the pond and found a few of the smaller more delicate damselflies (Zygopterans), moving almost imperceptibly amongst the grass. Along the edge of the pond were Ubiquitous Bluetails (Ischnura sengalensis) and Orange-headed Sprites (Pseudagrion rubiceps ceylonicum). On the river in partial shade along the banks we saw the beautiful purplish pink Dawn Dropwing (Trithemis aurora) and a close relative the Indigo Dropwing (Trithemis festiva). There are more to discover but it takes more time than just a quick stop. Once the snack was finished our group was ready to continue our drive because everyone was still hoping to spot a leopard.
The guides at Yala Safari Game Lodge were eager to learn more about dragonflies so I was happy to go with them on a special dragonfly mission. We were limited for time, so early one morning we made a quick trip to Tissamaharama just outside Yala where there is a lovely tank called Devera Wewa. Here the birds were as fascinating as the
dragonflies and damselflies. Since we purposely went to spot dragonflies we had to ignore the birds and were able to see a dozen species of dragonflies and damselflies in less than an hour. That morning the weather was not ideal for dragonfly watching; cloudy and with a light drizzle, but still there were many to see. The first to be spotted were the bright yellow slow moving Yellow Damselflies (Ceriagrion coromandelianum) both males and females were present and many were seen in tandem and copulating. Since the females have a slightly different coloration finding them in tandem is the best way to identify both males and females of the species. Ubiquitous Bluetails (Ischnura senegalensis) were present on the lotus stems in sticking up in the tank.
There were many cut lotus stems on the tank; ideal perches and best for spotting dragonflies. A short distance from the edge of the tank a Dancing Dropwing (Trithemis pallidinervis) was perched on a lotus stem beside it on another stem was a bright red Eastern Scarlet Darter (Crocothemis servilia); both male and female Eastern Scarlet Darters were present in large numbers. Another numerous species was the Asian Pintail (Acisoma panorpoides) both the blue males and yellow females were spotted along the edge of the tank. As we quickly walked the tank edge we saw a Sombre Skimmer (Orthetrum sabina), Brown-banded Skimmer (Orthetrum glaucum), Black Velvet-wings (Neurothemis tulia) males, a juvenile male and females, Variable Gliders (Rhyothemis variegata) males and females, Spine-legged Reedling (Rhodothemis rufa), Orange-winged Groundling (Brachythemis contaminata), and Little Blue Darters (Diplacodes trivialis) males and females. That is quite a list for just one hour of observation and it is definitely not complete since the weather was overcast there are surely many more that can be identified on a sunny morning. The advantages of the tank over the park are that we could get close to the edges to spot damselflies, walk at leisure and take time to identify both dragonflies and damselflies. I recommend taking a day off from the game drives and visiting Debera Wewa it is definitely worthwhile and a good way to begin to learn about dragonflies.
How do you identify all these dragonflies and damselflies? The best is a pictorial guide called Dragonflies of Sri Lanka published by Jetwing. It is not a complete pictorial guide of all that you might see in Sri Lanka but for places like the tank at Tissmaharama and Yala National Park it is the best you can have for a quick reference. It is easy to carry and the photographs give enough details to identify the dragonflies and damselflies, especially if you are careful to consider every detail from the eyes to the tip of the abdomen. There is another book, for the avid odonotologist (dragonfly specialist), The Dragonflies of Sri Lanka by Terrence de Fonseka available at many bookstores. The pictorial guide is found at Jetwing Hotels and in several bookstores in Colombo. Take the time to zoom in on
dragonflies; and discover a new world.
message sent by Krys Kazmierczak
++++++++
VERZOEK
++++++++
Ik ga komende maand juli 2004 een 'rondje' Scandinavie doen. Heeft er iemand tips of plekken voor libellen en vlinders? Alvast bedankt!
Sander Bot
++++++++
En mochten er mensen zijn met tips over libellen op Madagascar.................?
Remco Hofland
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Libellennieuws (LN) wordt gecompileerd in samenwerking met de Nederlandse Vereniging voor Libellenstudie (NVL)
De NVL heeft als doel: het stimuleren van de studie naar en de bescherming van libellen. Vier maal per jaar geeft de NVL een Nieuwsbrief uit. Daarnaast verschijnt er tweemaal per jaar het blad Brachytron met artikelen over ecologie, gedrag en levenswijze van libellen, wetenschappelijke mededelingen en boekbesprekingen. Wilt u lid worden van de NVL? Dat kost slechts 13 Euro per jaar en voor jongeren tot 25 jaar 7 Euro.
Ieder nieuw lid ontvangt een speciale editie (in kleur) van de Brachytron met daarin artikelen over goede libellengebieden in Nederland. Voor meer info of een folder meel naar
nvl_at_vlinderstichting.nl .++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Libellennieuws 04:12
Woensdag 23 juni
Dag allemaal,
Dit is de eerste aflevering van Bijzonder Libellennieuws (BLN). Gezien het feit dat het om 5 soorten gaat, zal ik BLN-meels A t/m E versturen (zie hieronder); van elke soort worden waarschijnlijk een of enkele updates gestuurd gedurende het seizoen .
Meer informatie over dit project kan worden verkregen bij Vincent Kalkman (
kalkman_at_naturalis.nnm.nl) en Jaap Bouwman (jaap.bouwman_at_vlinderstichting.nl); het verdient de voorkeur om ook met hen contact op te nemen voor deelname aan het project en/of het doorgeven van soortspecifieke waarnemingen.Hartelijke groeten,
Remco Hofland
Oegstgeest
remcohofland_at_hetnet.nl
+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
INHAALSLAG LIBELLEN VAN DE HABITATRICHTLIJN
+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Over enkele jaren moet Nederland bij de Europese Unie rapporteren over hoe het gaat met de soorten van de habitatrichtlijn. Om de hiervoor benodigde informatie te verzamelen gaan de Vlinderstichting en EIS-Nederland dit jaar een inhaalslag uitvoeren. Doel is om alle km-hokken waar deze soorten recent (vanaf 2000) niet meer zijn waargenomen te bezoeken. Na afloop van dit jaar weten we dan precies waar de soorten voorkomen en waar ze in de afgelopen decennia verdwenen zijn. Om dit voor elkaar te krijgen zullen we veel hulp nodig hebben. Begin juli sturen we per post alle NVL leden informatie over dit project toe. Daarnaast proberen we iedereen op de hoogte te houden via de mail. Hieronder staan de eerste resultaten van het veldwerk aan de Gevlekte witsnuitlibel.
De inhaalslag heeft betrekking op de volgende vijf soorten:
Noordse winterjuffer - Sympecma paedisca
Groene glazenmaker - Aeshna viridis
Rivierrombout – Gomphus flavipes
Gaffellibel – Ophiogomphus cecilia
Gevlekte witsnuitlibel - Leucorrhinia pectoralis (A)
Jaap Bouwman en Vincent Kalkman
jaap.bouwman_at_vlinderstichting.nl en kalkman_at_naturalis.nnm.nl
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
RESULTATEN ONDERZOEK NAAR DE GEVLEKTE WITSNUITLIBEL (LEUCPECT)
De Gevlekte witsnuitlibel LEUCPECT heeft stabiele populaties in de laagveengebieden van NO-Overijssel, de Vechtstreek en het Lonnekermeer maar daarbuiten zijn de populaties meestal klein en vaak slechts enkele jaren achtereen aanwezig. Om zekerheid te krijgen over de aanwezigheid van populaties op de zandgronden zijn afgelopen weken zoveel mogelijk oude vindplaatsen bezocht. Het gaat hierbij om plekken waarvan het op het moment onduidelijk is of er populatie aanwezig is of plekken waar ze vanaf 2000 niet meer gezien zijn. Bij veel van de bezochte locaties werden geen gevlekte witsnuitlibellen aangetroffen. Helaas is het hierdoor nog steeds niet helemaal duidelijk of de oude waarnemingen betrekking hebben op zwervers of dat hier toch kleine moeilijk te vinden populaties aanwezig zijn. Een klein deel van de locaties moet nog bezocht worden en we kunnen daarbij zeker hulp gebruiken. Stuur even een mailtje als je voor begin juli een van de niet bezochte plekken wilt bezoeken. Tevens vinden we het leuk om te horen als je hebt gezocht bij een reeds onderzocht gebied (geeft meer zekerheid). Hieronder staan de resultaten vermeld van alle bezochte locaties en staat een lijstje van nog te onderzoeken gebieden.
Jaap Bouwman en Vincent Kalkman
jaap.bouwman_at_vlinderstichting.nl en kalkman_at_naturalis.nnm.nl
REEDS ONDERZOCHT
- Gelderland, Haterste en Overasseltse vennen 183-421
Geen Gevlekte witsnuitlibel gevonden, de vennen hier lijken momenteel niet geschikt.
- Gelderland, Veluwe 186-455; 186-456; 187-456
Hier werden tijdens het bezoek geen dieren aangetroffen en de aanwezige vennen lijken momenteel niet geschikt voor een populatie van de Gevlekte witsnuitlibel.
- Limburg, Rouwkuilen 191-390
Hier werden tijdens het bezoek geen dieren aangetroffen en de aanwezige vennen lijken momenteel niet geschikt voor een populatie van de Gevlekte witsnuitlibel.
- Noord-Brabant, omgeving Valkenswaard 160-371 (Brugven); 163-375 (Greveschutven); 163-376 (Greveschutven); 163-380 (Kanunnikesven); 164-373 (Ronde Vlaas); 164-375
(Witven); 164-376 (Drooge meerven); 166-377 (Brandtorenven)
Dit voorjaar is hier vier dagen gezocht met als mager resultaat de waarneming van 1 mannetje bij het Brandtorenven. De afgelopen jaren zijn ten zuiden van Eindhoven regelmatig waarnemingen verricht maar het is nog steeds onduidelijk of hier ergens een vaste populatie zit. Zowel bij het Kanunnikesven, de Ronde Vlaas als bij het Greveschutven lijkt geschikt biotoop aanwezig te zijn. Leuke waarnemingen tijdens het veldwerk betroffen een man gevlekte glanslibel (SOMAFLAV) en een tandem en drie mannetjes speerwaterjuffer (COENHAST) bij het Greveschutven. Voor de speerwaterjuffer is dit een nieuwe locatie.
- Overijssel, Haaksbergerveen 250-460, 250-464, 251-463
Hier is dit jaar twee dagen gezocht zonder dat dit een waarneming opleverde. Vermoedelijk is hier geen populaties aanwezig en misschien komen de exemplaren die hier gezien worden van de grote populatie bij het Lonnekermeer.
- Overijssel, Wieden 198-520; 198-525; 198-520; 199-518; 199-521; 199-526; 200-518; 200-519; 200-521; 201-528; 204-522
In 1996 is een groot deel van de Wieden geïnventariseerd op libellen door Tieneke de Groot. Daarna zijn eigenlijk alleen de beste plekken voor Gevlekte witsnuitlibel via monitoring regelmatig bezocht. Van plekken waar de aantallen veel minder hoog waren ontbreken sindsdien gegevens. Deze hokken zijn allemaal bezocht en in een aantal van de hokken bleek de gevlekte witsnuitlibel nog aanwezig te zijn. Met name in het zuidelijke deel waren de aantallen echter laag. In de omgeving van Dwarsgracht bevindt zich een bekende populatie die jaarlijks wordt geteld. Uit de omliggende blokken zijn al sinds 1997 geen waarnemingen van Gevlekte witsnuitlibel bekend. In twee van de blokken werden enkele kleine populaties gevonden en in een nieuw km-hok een zwervend mannetje.
NOG TE ONDERZOEKEN
Utrecht, Beerschot bij Zeist 146-452
Utrecht, Molenpolder 135-461; 135-462 (wordt komende weken bezocht door Vincent Kalkman)
Overijssel, Weerribben 192-532 (wordt komende weken bezocht door Jaap Bouwman)
Groningen, Westerbroek 240-578
Friesland, Rottige Meente 190-538
Noord-Holland, Het Hol 133-470; 134-469; 135-469; 135-470 (wordt dit jaar geïnventariseerd)
Noord-Brabant, Mariapeel 191-380
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
De volgende waarneming werd ontvangen voor (en is ook opgenomen in) LN 04:12:
Gevlekte Witsnuitlibel Noord-Limburg
In één van de vennen van het Quin (gem. Afferden) konden we zaterdag de 19e een fraaie mannetje Gevlekte witsnuitlibel bewonderen. Het ven leek op het eerste oog niet echt geschikt, ondanks een eerdere waarneming uit begin jaren negentig. Het bezoeken van een oude vindplaats blijkt dus ook na tienjaar nog zinvol! Verder kwamen we (Vincent, KD, Robert en ondergetekende) door het matige weer weinig vermeldingswaardigs tegen in het gebied tussen Gennep en Tegelen.
Michiel van der Weide
mvdweide_at_knoware.nl
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Bijzonder Libellennieuws (BLN) wordt gecompileerd in samenwerking met de Nederlandse Vereniging voor Libellenstudie (NVL)
De NVL heeft als doel: het stimuleren van de studie naar en de bescherming van libellen. Vier maal per jaar geeft de NVL een Nieuwsbrief uit. Daarnaast verschijnt er tweemaal per jaar het blad Brachytron met artikelen over ecologie, gedrag en levenswijze van libellen, wetenschappelijke mededelingen en boekbesprekingen. Wilt u lid worden van de NVL? Dat kost slechts 13 Euro per jaar en voor jongeren tot 25 jaar 7 Euro.
Ieder nieuw lid ontvangt een speciale editie (in kleur) van de Brachytron met daarin artikelen over goede libellengebieden in Nederland. Voor meer info of een folder meel naar
nvl_at_vlinderstichting.nl .++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Bijzonder Libellennieuws 04:A-1
Woensdag 23 juni 2004
libellennieuws 04:13
Maandag 5 juli 2004
Hoogveenglanslibel (Somaarct) in Korenburgerveen
Op 22 april 2004 is in het Vragenderveen (onderdeel van Korenburgerveen) een larve van de hoogveenglanslibel (Somaarct) aangetroffen! Samen met de waarneming van adulten in 2003 (door de jeugdbond voor natuurstudie; LN03:17) bevestigt deze vondst de aanwezigheid van een populatie. De coördinaten van de vindplek zijn: 241,6 / 445,1.
Ik denk dat het hier gaat om een populatie die er al langere tijd zit, maar tot dan toe nog onopgemerkt was. Dit omdat het larvale stadium meestal 3 jaar duurt (met uitschieters naar 2 of naar 5 jaar) en de aangetroffen larve was in één van de laatste larvale stadia. Bovendien leven de larven in zeer ondiepe laagtes met water en zijn de adulten inactief en leggen geen lange afstanden af, waardoor exemplaren makkelijk over het hoofd worden gezien. Dit wordt nog versterkt door de variabele larvale duur. Eieren en larven kunnen in een rustperiode gaan (diapauze) waardoor er een (of twee) jaren geen adulten zijn, zonder dat dit betekent dat er geen populatie is.
Al met al dus een leuke vondst! Deze is trouwens gedaan tijdens het verspreidingsonderzoek naar de dansmug Lasiodiamesa gracilis. Een aanwijzing dat deze soort (die vlak daarbij is aangetroffen) als indicator kan dienen voor bijzondere omgevingscondities waar je ook andere zeldzame soorten kunt vinden.
Wilco Verberk
Stichting Bargerveen
Afdeling Dieroecologie
p/a Milieukunde
Katholieke Universiteit Nijmegen
Bargerveen Foundation
Department of Animal Ecology
c/o Department of Environmental Studies
Faculty of Science, Mathematics and Computing Science
University of Nijmegen (KUN)
Postbus 9010
6500 GL Nijmegen
Tel: 024-3653275
Email: wilcov_at_sci.kun.nl
http://www-eco.sci.kun.nl/AnimalEcology/wilcoweb1/home.htm
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Gewone bronlibel CORDBOLT te vinden in twee gebieden in Oost-Brabant
Op 29-6-2004 bezocht ik twee gebieden in Oost-Brabant om te zoeken naar Gewone
bronlibellen (CORDBOLT). Een van de plekken was de Esperloop bij Bakel, een
populatie die ook in het onlangs verschenen waarnemingenverslag wordt
genoemd. Omdat er vrijwel niets over de populatiegrootte bekend is, heb ik
de handschoen maar opgenomen en ben gaan tellen. Na 2 uur en een kwartier
door en langs het beekje struinen (ca. 500 meter), kwam ik tot twee
larvenhuidjes (1 op Amerikaans eikje ca. 75 cm hoog, 1 op Dubbelloof ca. 20
cm hoog) en twee keer 1 eiafzettend vrouwtje (kan dezelfde zijn geweest)
onder overhangende varens. De huidjes zijn verzameld. Het waren beide
huidjes van mannetjes.
Op een kruispunt van bospaden (enigszins open plek in het bos) ben ik naar
mannetjes gaan kijken, omdat die boven het beekje niet vlogen. Ze hielden
zich inderdaad daar op. Er waren twee mannetjes rustig aan het patrouileren
en ze kwamen één keer met elkaar in confict. De waarnemingen deed ik
verspreid over 3 aaneensluitende kilometerhokken. Het lijkt er inderdaad op
dat het om een relatief kleine populatie gaat. Er vliegen tenminste 3
adulte bronlibellen. De beek is echter over een grotere lengte geschikt en
ik kan makkelijk de nodige huidjes in de begroeiing gemist hebben. Ook
kunnen er nog steeds dieren uitsluipen.
Daarna ben ik naar de andere plek in Oost-Brabant gegaan. Daar zag ik 1
exemplaar boven het beekje vliegen. Ik heb er nauwelijks naar huidjes
gezocht en verder ook niets gevonden.
Jeroen van Delft
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Op 28 en 29 juni 2004 kon ik een vrouwtje Zuidelijke Glazenmaker AESHAFFI waarnemen en fotograferen te Hensies, Provincie Henegouwen, België (juist bij de Franse grens).
Groeten,
Luc Verroken
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Zeldzaamheden dankzij stormweer?
Het uitzonderlijk ruige zomerweer van de vorige week blies al vele leuke vogelsoorten naar ons land. Over de oceaan trekkende libellen (Amerikaanse keizerlibel Anax junius, Zadellibel Hemianax ephippiger) kan dit 'lot' ook beschoren zijn. Beide genoemde soorten zijn daarom nu in Nederland te verwachten. Uiteraard met name in de kuststrook (boven duinplasjes e.d.). Graag houd ik (en met mij vele anderen) me aanbevolen voor meldingen van bijzondere libellensoorten.
Met vriendelijke groet,
Evert Ruiter
06 13211004
+++++++++++++++++++++++++++++++++++++
WAARNEMINGEN RIVIERROMBOUT GOMPFLAV
+++++++++++++++++++++++++++++++++++++
L.S.
Op 30-06-2004 ging een zojuist uitgeslopen rivierrombout op het NS-station te Kampen midden tussen de op de trein wachtende reizigers op een zwarte tas zitten en werd bijna vermoord als zijnde een rare grote wesp. Het station ligt aan de rivier,
hoogachtend
Gerrit Koopman
+++++++++
Dinsdag 22 juni had ik mijn eerste Rivierrombout (GOMPFLAV) langs de IJssel bij Wilsum, gemeente Kampen. Ik trapte de libel op uit het gras, achter een strandje in 193.7-504.9.
Sander Bot
++++++++
In een distelstruweel alsmede in hoog gras langs de zuidoever van de Boven-Merwede, ten noordwesten van Woudrichem werden zaterdag 26 juni 2004, een 8-tal Rivierrombouten aangetroffen. Het betrof deels volledig uitgekleurde exemplaren, deels jonge, die ochtend uitgeslopen imago's.
Remco Hofland
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Kampina, Boxtel (NB)
Zondag 27 juni bezochten Adri Contin en Teus Luijendijk de min of meer
bekende plek rond het sluisje in de Kampina (Boxtel NB). Een 'nieuw'
kreekje langs de weg door het nieuwe natuurontwikkelingsgebied Banisveld leverde al gelijk een paar mooie fotografeerbare Weidebeekjuffers CALOSPLE op, waarvan één vrouwtje opviel door tijdens eiafzet volledig onder water te verdwijnen. De ruigten hier leverden al diverse Bloedrode heidelibellen SYMPSANG op, en de aantallen Blauwe breedscheenjuffers PLATPENN waren al bijna niet meer te tellen, zo hoog. De kreek bij het eerste sluisje was (als vanouds) weer een goede gelegenheid flinke aantallen Grote roodoogjuffers ERYTNAJA te bekijken, maar het stroompje bij het 'tweede' sluisje leverde als aangename verrassing een vrouwtje Bosbeekjuffer CALOVIRG. Enkele tientallen Weidebeekjuffers CALOSPLE, goede aantallen Bloedrode heidelibllen SYMPSANG en Azuurwaterjuffers COENPUEL, nogal weinig Vuurjuffers PYRRNYMP en al helemaal geen Beekrombout GOMPVULG waren er te vinden. Wel vloog er iets verderop bij de drinkpoel een Smaragdlibel CORDAENE en een Paardenbijter AESHMIXT.
Opvallend was de armoe aan vlinders! Is Kleine IJsvogelvlinder LADOCAMI
helemaal verdwenen hier of waren we gewoon nog iets te vroeg?
groeten,
Teus (foto's op http://www.warbler.phytoconsult.nl)
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Antwoord op verzoek libellen- en vlindergebieden Scandinavie
"Ikzelf ben in aug. 2002 in Zweden geweest. O.a. interessante gebieden zijn:
Omgeving Salem (O-Zweden tegen de Noorse grens).
Hamra (mooi klein natuurgebied in M. Zweden) met o.a. drieteenspecht en kraanvogel en veenbesparelmoervlinder. Veel kans om Aeshna caerulea hier te zien.
Store Mosse Z. Zweden (groot veengebied).
Omgeving Gysinge (morgenrood, veel rouwmantels en muggen en hazelhoen) en ik kan Oland zeer aanbevelen. Altijd de moeite waard (o.a Grauwe kiekendief)".
Groet, Ruud de Man
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
.
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Libellennieuws 04:13
Maandag 5 juli 2004
Libellennieuws 04:13
Donderdag 12 augustus 2004
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Dag allemaal,
Het zal u niet zijn ontgaan dat de aanvoer van libellennieuws via de meel
dit jaar gestokt is. Reden is (zoals eerder bericht) het feit dat de harde
schijf van mijn computer thuis momenteel, nog altijd, niet benaderbaar is.
De libellennieuws die u nu leest, is op grond van het voorgaande opgesteld
aan de hand van (op afstand uitgelezen) iemeels die aan mijn thuisadres zijn
gemeeld. Omdat ik al een aantal bijdragen in LN 04:13 op mijn computer thuis
had gecompileerd, ontbreken in deze LN van u nog bijdragen waarover ik thans
niet kan beschikken. Kunt u deze nogmaals sturen a.u.b., dan zal ik die
alsnog verwerken. Erger nog, deze LN is verstuurd aan de hand van een oude
verzendlijst, die ik hier op kantoor nog had. Het kan dus zijn dat mensen
deze meel krijgen, die zich van de lijst hadden laten verwijderen (waarvoor
excuses) en dat recentelijk toegevoegde adressen deze iemeel niet ontvangen
(waarvoor eveneens excuses).
Ik zal het resterende seizoen proberen op kantoor tijd vrij te maken om LN
te blijven versturen. En zal hard bezig blijven op mijn computer thuis weer
op de rails te krijgen (zonder daarbij gegevens verloren te laten gaan).
Nieuwe aanmeldingen voor LN alsmede kopij voor de nieuwsbrief kunnen als
altijd naar
Libellennieuws 04:14
Vrijdag 13 augustus 2004
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Dag allemaal,
Momenteel wordt er getracht om perikelen als die thans spelen - verstoken
blijven van Libellennieuws omdat toevallig de computer van de beheerder
ermee ophoudt - te voorkomen door de meelgroep anders in te richten. U hoort
daar zo spoedig mogelijk meer van.
Ook deze libellennieuws, is opgesteld aan de hand van (op afstand
uitgelezen) iemeels die aan mijn thuisadres zijn gemeeld. Blijf aub reacties
sturen naar
Beste mensen,
Komende weken wordt zeer druk gewerkt aan een herziene vierde druk van de B&W Veldgids. Binnen een maand moet hij bij de drukker liggen. Heb je suggesties voor tekst verbeteringen dan kan je die mailen aan
Dag allemaal,
Mijn computer thuis doet het weer, alleen is een deel van de harde schijf gewist. Dat feit zou niet zo interessant zijn, ware het niet dat het het gedeelte betreft waar al mijn oude Libellennieuws’en van 2004 opstonden, alsmede de meest recente verzendlijst. De reeds toegezegde nazendingen van ‘oude’ LNs, LN 04:01-12, moet ik dus intrekken, tenzij iemand ze alle (gekregen en) bewaard heeft en ze mij kan toezenden.....
Wat de verzendlijst betreft, op mijn werk had ik een vrij recente staan, met zo’n 365 adressen. Waarschijnlijk mis ik er dus maar enkele. Mocht u libellenliefhebbers kennen die deze LN niet gekregen hebben, vriendelijk het verzoek of ze zich opnieuw aan willen melden. Krijgt u deze twee maal, dan staat u er dubbel op, dan ook graag een meeltje.
In deze libellennieuws staan een aantal bijdragen die mogelijk eerder zijn opgenomen: deze stonden in een gered document, maar zoals gezegd kan ik niet checken of ze al eerder verstuurd waren. Excuses dus voor een eventuele extra verzending.
Nieuwe aanmeldingen voor LN alsmede kopij voor de nieuwsbrief kunnen als altijd naar
remcohofland_at_hetnet.nl .Groeten,
Remco Hofland
Oegstgeest
remcohofland_at_hetnet.nl++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Zuidelijke heidelibel SYMPMERI waarneming
Harm Niesen meldde (per semafoon) in de namiddag van maandag 23 augustus 2004 een man Zuidelijke heidelibel SYMPMERI te hebben gevangen in Cadzand-Bad, Zeeuws-Vlaanderen (ZL), in het atlasblok 47-58-22 rechtsboven. Ongetwijfeld krijgen we van Harm zeer binnenkort het hele verhaal uit de eerste hand.......................(RH)
+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Zuidelijke keizerlibel, Anax parthenope, boven het oostelijke Horsmeertje, Texel
Woensdag 18 augustus j.l waren Niels Gilissen en Menno Hornman in het kader van het inventarisatieproject van defensieterreinen bezig met een libelleninventarisatie van het oefenterrein Joost Dourlein op de zuidpunt van Texel. Toen langs de binnenzijde van de rietkraag van het oostelijke Horsmeertje gelopen werd viel ons oog op een patrouillerende libel die een opvallend blauw zadel had en verder hoofdzakelijk bruin was en wat kleiner was dan de eveneens rondvliegende Grote Keizerlibellen ANAX IMPE. Helaas werd de libel enige keren weggejaagd door een van deze laatsten. Een betere blik of vangst was noodzakelijk; het is wel eens vaker voorgekomen dat vluchtig een libel werd gezien die een blauw zadel leek te hebben, maar die bij nadere inspectie toch ook verder blauw op het achterlijf bleek te hebben en dus gewone Grote keizerlibellen waren.
Toen eindelijk met de verrekijker het dier goed in beeld was wisten we het echter zeker: dit was een Zuidelijke keizerlibel ANAX PART! Meteen daarna kreeg de libel het weer aan de stok met een ander en deze bleek precies dezelfde tekening en grootte te hebben! Er vlogen dus twee Zuidelijke keizerlibellen ANAX PART rond. Voor Menno was dit trouwens zijn 60e soort in Nederland.
Nog minstens een uur zagen we onregelmatig een van de twee exemplaren ergens langs de rietrand vliegen, maar dat was op verschillende plaatsen. Het vlieggebied besloeg enige honderden meters rietkraag (en die zijn door heupdiep water lastig snel te beslaan). Maar doordat er ook enige gewone Grote keizerlibellen en Paardenbijters AESH MIXT rondvlogen kregen we een goed beeld en pikten we relatief gemakkelijk de Zuidelijke er steeds weer tussen uit. Ook leuk hier was een jonge Visarend PAND HALI die voor onze neus een vis ving.
Overigens vlogen op 15 juli jl. ongeveer op dezelfde plek twee Vroege Glazenmakers AESH ISOS.
Menno Hornman & Niels Gilissen
+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Vangst Gevlekte glanslibel SOMAFLAV in Noord-Groningen
Onlangs heb ik een libel bij ons in de tuin gevangen en gedetermineerd. Nu is dat op zich niet zo bijzonder, dat gebeurt wel vaker, maar dit keer kwam ik niet op een algemene soort uit. Het bleek om een gevlekte glanslibel (Somatochlora flavomaculata) te gaan. Ik heb hier een aantal foto's bijgevoegd, is het voor u mogelijk hier uit op te maken of de determinatie juist is geweest?
Gegevens
Soortnaam: SOMAFLAV; Gebiedsnaam: Arp Schnitgerhof 28; Gemeente: Uithuizen (GR); Coordinaten: 239.8-603.0; Aantal/Geslacht: 1 mannetje
Vriendelijke groeten,
Lennart Johansson
NB 3 prachtige foto’s toegevoegd: voor de liefhebbers, meeltje naar
remcohofland_at_hetnet.nl (RH)+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Grote aantallen Noordse winterjuffers SYMPPAED in Kuiderbos (FL)
Er is nieuws. De Vlinderstichting heeft van de provincie Flevoland subsidie gekregen om onderzoek te doen naar het voorkomen van beschermde libellen en juffers in Flevoland. Op dinsdag 10 augustus 2004 kon de Vlinderstichting melden dat zij in het Kuinderbos maar liefst 137 Noordse winterjuffers SYMPPAED hebben geteld. Ook hebben zij op die dag twee Vuurlibellen CROCERYT gevangen: de eerste waarnemingen in Flevoland.
Groeten,
Edzard van de Water
Beleidsmedewerker monitoring en natuurbeleid
Provincie Flevoland
postbus 55
8200 AB Lelystad
water_at_flevoland.nl
+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Bandheidelibel SYMPPEDE bij bierbrouwerij (NB)
Op 22 augustus heb ik weer eens het stukje natuurontwikkeling langs de Keersop achter de Dommelsche bierbrouwerij bezocht (Noord-Brabant, coordinaten: 157 - 373). Dat stukje is bij elk bezoek goed voor een aantal leuke waarnemingen. Het zijn voormalige landbouwgronden waar ca. 5 jaar geleden de toplaag vanaf is geschraapt. Nu borrelt de ijzerrijke kwel de grindige zandbodem uit en groeien er soorten als moerashertshooi,
snavelzegge, duizendknoopfonteinkruid, melkeppe, koningsvaren, zonnedauw, bulten van veenmos etc. Er zijn allerlei ondiepe poelen en plassen aanwezig en restanten van sloten.
Ik ben er slechts een uur en een kwartier geweest maar dat leverde een lijstje van aardige soorten op dat ik in menig bekender natuurgebied niet tegenkom. Het begon meteen goed met een vrouwtje bandheidelibel (SYMPPEDE), volgens mij een nieuwe soort voor dit terrein. Later vond ik nog een vrouwtje en mannetje van deze soort. Het is natuurlijk een sterk zwervende soort, maar gezien het aanwezige biotoop en de aanwezigheid van meerdere exemplaren, bestaat de kans dat de soort zich hier voortplant.
Verder nog gewone pantserjuffer (LESTSPON), tengere pantserjuffer (LESTVIRE), bruine winterjuffer (SYMPFUSC), tengere grasjuffer (ISCHPUMI), koraaljuffer (CERITENE), grote keizerlibel (ANAXIMPE) en zwarte heidelibel (SYMPDANA).
Groeten,
Jeroen van Delft
+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Verdere uitbreiding bandheidelibel (SYMPPEDE) in Salland
De bandheidelibel wordt zo langzamerhand een 'gewone' soort in Overijssel.
Na nieuwe meldingen uit de omgeving van Enschede en Balkbrug vonden we op 18 augustus 2004 een kleine populatie bij het Varsenerveld t.n.v. Ommen (221/507). De exemplaren (3 mann/3vr/1 copula) vlogen langs een wetering en boven het heideterrein.
Evert en Henk Ruiter
+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Update Bijzonder Libellennieuws van het werk aan de Rivierrombout GOMPFLAV
Leukste nieuws is dat de soort nu in bijna elk 5 bij 5 kmhok langs de IJssel is aangetroffen.
De eerste twee weken van juli 2004 is er veel veldwerk uitgevoerd voor het in kaart brengen van de verspreiding van de rivierrombout. Bijna alle 5 bij 5 km-hokken waar de soort nog niet was waargenomen zijn in de afgelopen periode bezocht. Door het aanhoudende matige weer is het veldwerk vrij laat van start gegaan. Hierdoor waren de gevonden aantallen vrij laag. Het veldwerk is uitgevoerd door Pepijn Calle (Maas), Vincent Kalkman (Maas), KD Dijkstra (IJssel), Jaap Bouwman (Maas). Aanvullende waarnemingen werden ontvangen van Bram Koese, Marcel Wasscher, Ernst Jan Haafen en Evert Ruiter.
Hoewel we eigenlijk al wisten dat de soort verspreid door het hele rivierengebied aanwezig is waren de resultaten toch erg leuk. Het was reeds bekend dat de soort op meerdere plekken langs de IJsel voorkomt. Toch was het verrassend dat de soort bijna in elk 5 bij 5 km-hok aangetroffen kon worden. In het centrale rivierengebied was de soort reeds bekend van een groot aantal hokken (zie waarnemingenverslag 2004). De soort is daar vooral algemeen langs de Waal. Toch konden er dit jaar ook hier weer enkele nieuwe 5bij5 kmhokken voor de soort gevuld worden. Veel minder waarnemingen zijn bekend van de Nederrijn en tot dit jaar werd de soort niet verder westelijk werd aangetroffen dan omgeving Rhenen en Wageningen. Begin juli is de soort zo’n 30 km westelijker aangetroffen (Lek) en de soort is nu op minder dan 10 km van de Domtoren taangetroffen.
De Maas blijft voor de rivierrombout de slechtste rivier. De meeste 5 bij 5 kmhokken van de Maas zijn reeds bezocht en nergens heeft dit succes opgeleverd. De rivier is hier voor een groot deel ingebed en bijna nergens zijn strandjes aanwezig. Komende jaren moet hier wel verder worden gezocht aangezien er vast op enkele plekken kleine populaties aanwezig zijn.
Huidjes van de soort zijn tot half augustus te vinden en we hopen dat er nog mensen zijn gaan kijken. Vooral langs de Lek moet de soort nog om meerdere nieuwe plekken te vinden zijn.
Vincent Kalkman & Jaap Bouwman
+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Predatie door mussen
In mijn kleine vijver in de bebouwing van Gorinchem (128-427) had ik het hele seizoen al vele libellenlarven waargenomen. Intussen heb ik er diverse uit zien kruipen en het bleken Paardenbijters (AESHMIXT) te zijn. In de middag van19 juli waren er weer enkele uitgekropen en ze hingen nog bij de huidjes aan de stengels van de Egelskop.
Op een gegeven moment vloog één van de uitgeslopen exemplaren weg. Meteen kwamen er twee mussen (adult en juveniel) uit de naast staande knotwilg welke de libel in de vlucht probeerden te grijpen. Ze raakten de libel wel een paar keer maar deze zag kans verder te vliegen en ik zag dat de libel in een boom ging hangen. Ook de mussen gingen in de boom zitten.
Even later zag ik de 2 mussen op het dak van ons schuurtje neerdalen. Ik zag dat één van de mussen een volwassen Paardenbijter in de snavel had. Samen met de andere mus werd deze libel in stukken getrokken en grotendeels opgegeten. In de omgeving van de vijver vond ik later resten van een volwassen Paardenbijter, mogelijk ook een mussenslachtoffer.
Ton van Tuijl
Gorinchem
+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Libellen in de Kalahari (ZH)
Op zondag 22 augustus ben ik eens gaan kijken in wat in de Katwijkse volksmond meesmuilend 'de Kalahari' wordt genoemd, een rigoreuze herinrichting van een gedeelte van het duingebied tussen Katwijk en de Wassenaarse Slag. Dit volledig kaalgeslagen gebied is inmiddels (mede door het opkomen van kwelwater) langzaam aan het dichtgroeien met pionierplanten als doornappel (Datura stramonium) en uiteraard weet ook duindoorn (Hippophae rhamnoides) wel raad met zulke ruimte.
Het was hier dan ook dat ik in zo een klein stukje struweel al tenminste 20 Bruine winterjuffers SYMPFUSC aantrof en even later (jawel) een tweetal mannetjes Zwervende pantserjuffer LESTBARB, mogelijk een nieuwe soort voor dit duingebied (>). Uiteraard vlogen er ook heel wat heidelibellen, meest Bruinrode SYMPSTRI (veelal in paringswiel) en wat Bloedrode SYMPSANG.
groeten,
Teus Luijendijk
> Zwervende pantserjuffer LESTBARB wordt met regelmaat waargenomen in het Katwijkse duingebied, RH
+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Bruine winterjuffers SYMPFUSC op Veluwe
Op 12 augustus j.l. zag ik op twee plaatsen nabij Garderen (westelijke centrale deel Veluwe) 2 Bruine winterjuffers op droge heideterreintjes. Op 17 augustus zag ik 1 man op de Vughtse Heide (droge heide) bij Den Bosch. Op dat terrein zat, zoals al enkele jaren, sikkelsprinkhaan (1 man, 3 vrouw), wespenspin en ik zag er 1 veldkrekel-nymph.
Groeten,
Jeroen van Delft
+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Bij determinatie van macrofauna in vennen (bemonsteringen uitgevoerd 16 september 2002) is een larve van de Zwervende heidelibel (SYMPFONS) aangetroffen in de Nieuwe Appelse Plas bij Voorthuizen (ten zuiden van de Appelse Heide; km-hok 167/467). De larve is gecontroleerd door Eveline Stegeman-Broos van Waterschap Regge en Dinkel.
Marion Geerink
Medewerkster Hydrobiologisch Onderzoek
Waterschap Vallei & Eem
+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Libellennieuws (LN) wordt gecompileerd in samenwerking met de Nederlandse Vereniging voor Libellenstudie (NVL)
De NVL heeft als doel: het stimuleren van de studie naar en de bescherming van libellen. Vier maal per jaar geeft de NVL een Nieuwsbrief uit. Daarnaast verschijnt er tweemaal per jaar het blad Brachytron met artikelen over ecologie, gedrag en levenswijze van libellen, wetenschappelijke mededelingen en boekbesprekingen. Wilt u lid worden van de NVL? Dat kost slechts 13 Euri per jaar en voor jongeren tot 25 jaar 7 Euri. Ieder nieuw lid ontvangt een speciale editie (in kleur) van de Brachytron met daarin artikelen over goede libellengebieden in Nederland. Voor meer info of een folder meel naar
nvl_at_vlinderstichting.nl .+++++++++++++++++++++
Libellennieuws 04:16
Maandag 23 augustus 2004
Zuidelijke heidelibel SYMPMERI bij Cadzand-Bad, Zeeuws-Vlaanderen
Op maandag 23 augustus 2004 zijn we in westelijk Zeeuws-Vlaanderen op zoek geweest naar zuidelijke libellensoorten. De aanleiding om juist daar op excursie te gaan waren de vondsten van de Zuidelijke heidelibel SYMPMERI in 2000 en 2001 in Noordwest-Vlaanderen. Een vraag aan Rienk Geene welk deel van Zeeuws-Vlaanderen we dan het beste konden gaan was "naar het westelijke deel omdat het oostelijke deel redelijk is onderzocht". Vandaag (23 augustus 2004) hebben we daar een kleine 20 plasjes op libellen onderzocht. Bij het elfde plasje konden we de auto moeilijk kwijt en zat Harm in de auto te wachten op onze "quick scan". Uiteindelijk bleek dat hij de auto toch naast het plasje kwijt kon en zette hij daar de auto neer. Toen hij uitstapte riep ik "er zit hier niets bijzonders" terwijl ik net mijn net liet zwiepen naar een roodgekleurde heidelibel. Toen ik echter dat individu uit mijn net pakte bleek het bingo: een mannetje Zuidelijke heidelibel SYMPMERI. Het uur dat volgde hebben we tevergeefs naar meerdere individuen gezocht. Het was hoogstwaarschijnlijk een zwerver. Gezien dat feit, de zeldzaamheid van de waarneming (derde waarneming van Nederland) en de soms lastige herkenbaarheid van de soort hebben we besloten het individu te verzamelen voor de collectie van Naturalis.
De betreffende locatie is een vrij toegankelijke poel aan de oostkant van Cadzand-Bad bij de wijk "De Brabander", coördinaten 16.6-378.7. De poel was rond met een diameter van 20 meter. Er was veel begroeiing: 15% was slechts open water, 30% was algenflap, 30% lidrus, 10% fijn hoornblad en 15 % gewone waterbies. Daarbuiten was een zone met zeer veel watermunt. De bodem was zeer modderig. Meest algemene libellensoort was de Zwervende pantserjuffer met 150 individuen. Begeleidende heidelibellen waren: Geelvlekheidelibel SYMPFLAV 5 man, 3 vrouwtjes, Zwarte heidelibel SYMPDANA 5 man en 1 vrouwtje en de Bloedrode heidelibel SYMPSANG 3 man. Overige soorten: Kleine roodoogjuffer ERYTVIRI 75 man, Lantaarntje ISCHELEG 5 individuen, Tengere grasjuffer ISCHPUMI 1 vrouwtje en Grote keizerlibel ANAXIMPE 1 man.
De poel is vrij toegankelijk en ziet er niet erg kwetsbaar uit. Het is echter bijna het meest zuidwestelijke puntje van Nederland. Per openbaar vervoer waarschijnlijk een hele toer om te bereiken. Een auto kan je ernaast neerzetten (aan de noordoost kant) maar je riskeert een bon. Twee betaalde parkeerplaatsen (voor 3 euro) zijn er echter vlakbij. Of een bezoek aan deze poel de beste oplossing is om de soort in Nederland te zien is de vraag. De eerdere waarnemingen in Noordwest-Vlaanderen waren direct ten zuiden van Sas van Gent en het Land van Saeftinghe. De omgeving van die plaatsen afzoeken zou wellicht minstens zo lonend kunnen zijn. Het is niet uit te sluiten dat de soort langs de Noordzeekust noordelijker voorkomt dan elders. Gezien de waarnemingen in Duitsland ter hoogte van Sittard is het heel Zuid-Nederland echter een potentieel zoekplek. De biotoop van de Zuidelijke heidelibel SYMPMERI lijkt vooral plantenrijke poeltjes te zijn, die vaak recent gegraven zijn.
In totaal hebben we in westelijk Zeeuws-Vlaanderen 19 libellensoorten gezien met als beste plek de duinpoelen bij Cadzand-west tegen het Zwin aan (coördinaten 14-377) met als soorten: AESHCYAN 2m, AESHMIXT 20, ANAXIMPE 4m 2v, COENPUEL 1v, ERYTVIRI 75m, ISCHELEG 50, ISCHPUMI 6m 1m, LESTBARB 300 25td, LESTSPON 1m, LESTVIRE 1m (zwerver), LIBEQUAD 2, ORTHCANC 3m, SYMPDANA 20m, SYMPFLAV 2m, SYMPSANG 10m en SYMPSTRI 2cop 1m.
Marcel Wasscher, Kees Goudsmits en Harm Niesen
+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Libellennieuws (LN) wordt gecompileerd in samenwerking met de Nederlandse Vereniging voor Libellenstudie (NVL)
De NVL heeft als doel: het stimuleren van de studie naar en de bescherming van libellen. Vier maal per jaar geeft de NVL een Nieuwsbrief uit. Daarnaast verschijnt er tweemaal per jaar het blad Brachytron met artikelen over ecologie, gedrag en levenswijze van libellen, wetenschappelijke mededelingen en boekbesprekingen. Wilt u lid worden van de NVL? Dat kost slechts 13 Euri per jaar en voor jongeren tot 25 jaar 7 Euri. Ieder nieuw lid ontvangt een speciale editie (in kleur) van de Brachytron met daarin artikelen over goede libellengebieden in Nederland. Voor meer info of een folder meel naar
nvl_at_vlinderstichting.nl .+++++++++++++++++++++
Libellennieuws 04:17
Dinsdag 24 augustus 2004